Arbeidsparticipatie jongeren in tweede helft 2020 deels hersteld

24-3-2021

De stijging van de arbeidsparticipatie van jongeren, die in 2016 was ingezet, kwam aan het begin van de coronacrisis abrupt tot stilstand. In het 2e kwartaal van 2020 daalde de arbeidsdeelname onder jongeren van 65,9% naar 60,3% en was daarmee even hoog als in het 1e kwartaal van 2016. In het 3e en 4e kwartaal steeg de arbeidsdeelname weer, naar 62,7%.

De netto arbeidsparticipatie daalde in het 2e kwartaal van vorig jaar sterker onder 15- tot 25-jarigen dan onder 25+'ers. Het aantal werkenden nam af met 173.000. Jongeren vormden daarbinnen de grootste groep: van die 173.000 waren er 117.000 15 tot 25 jaar. In het 3e en 4e kwartaal steeg de arbeidsparticipatie onder jongeren weer. De arbeidsparticipatie nam tussen het 4e kwartaal van 2019 en het 4e kwartaal van 2020 het meest af onder jonge mannen die geen formeel onderwijs volgden (van 80,3% naar 76,1%). In het 2e kwartaal van 2020, tijdens de eerste maanden van de coronacrisis, daalde het aantal werknemers met een flexibel dienstverband relatief sterk. Na het 2e kwartaal nam het aantal flexwerknemers niet verder af. In het 4e kwartaal van 2020 hadden 822.000 jongeren een flexibel dienstverband, 60.000 minder dan in hetzelfde kwartaal van 2019. Het afgelopen jaar daalde het aantal werkende jongeren het sterkst onder de kelners en barpersoneel.

Grafiek 1: Werkenden (15 tot 25 jaar) in top 10 beroepsgroepen voor deze leeftijdsgroep.

 Of bekijk de digitaal toegankelijke tabel van grafiek 1. Bron: CBS.

Terug naar nieuwsoverzicht